In hoeverre moet je sportief zijn? En wat is sportiviteit eigenlijk?

Even googelen?

Sportiviteit is een begrip dat ongeveer overeenkomt met het ethos van de sport. Het omvat het gedrag dat van een goed sportman of -vrouw wordt verwacht wanneer hij of zij de sport uitoefent. Sportiviteit is het naleven van de geschreven en de ongeschreven regels die bij een sport horen.

De precieze invulling van sportiviteit verschilt zowel geografisch als per sport. Algemeen gelden de volgende normen. In veel gevallen worden de normen expliciet in de spelregels opgenomen, in andere gevallen zijn ze ongeschreven. Sportiviteit is:

  • Je aan de spelregels houden, dus niet valsspelen. Ook niet als de scheidsrechter het toevallig niet ziet;
  • Je niet schuldig maken aan spelbederf;
  • De scheidsrechter diens autoriteit respecteren. De "scheids" heeft altijd gelijk;
  • De tegenstander respecteren.
  • Je moet tegen je verlies kunnen;
  • Je speelt naar beste vermogen.
  • Als de tegenstander zich onsportief gedraagt de zelfbeheersing behouden en jezelf sportief blijven opstellen;
  • Je bij een uitwedstrijd als een goed gast gedragen en bij een thuiswedstrijd als een goed gastheer;
  • De velden of faciliteiten en kleedkamers netjes houden, met name bij een uitwedstrijd;
  • Altijd de veiligheid van jezelf, de tegenstander, de scheidsrechter en het publiek waarborgen.

 

Maar nu waar ik naar toe wil: “Zelf aangeven van Touché?”

Daar vind ik het volgende interessante citaat over:

“De opmerking kwam geloof ik van een tweetal spelers (Cécile en Remon) die
netjes tegen de scheids vertellen wanneer ze een bal getoucheerd hebben. Ik
zou zoiets zelf ook doen, maar alleen bij vriendschappelijke partijtjes.
Tijdens competitiewedstrijden houd ik bewust mijn mond, omdat het volgens
mij toch niets uitmaakt.

Ik heb (alweer 6 of 7 jaar geleden) op de scheidsrechterscursus namelijk
geleerd dat je niet uit mag gaan van wat de spelers (of coaches etc) roepen.
Dat geldt voor het melden van fouten van de tegenpartij ("hij sloeg de bal
via de antenne" enz) maar ook voor toegeven van eigen fouten.
Wanneer dus iemand een bal toucheert, en het toegeeft, mag ik daar evengoed
alleen voor fluiten als ik het ook zelf gezien heb”

En nu komt ie:

Ik gaf op setpoint voor ons een “touché” aan. Ik had het overigens zelf al geroepen. Maar de scheidsrechter had het niet gezien en niet gehoord en had dus voor een punt van ons gefloten. De set gewonnen? Nee dus, want de tegenstanders die het wel had gezien en gehoord hadden, begonnen op mij te wijzen. Ik kon dan niet anders dan eerlijk zeggen dat het zo was. Foutje in de opvoeding! Gevolg set alsnog verloren en daarmee de wedstrijd met 3-1.

Hans Konig